Onder het wateroppervlak zit tegenwoordig een onverwachte boosdoener. Geen Jaws, maar een klein krabbelend beestje dat grote schade aanricht: de Amerikaanse rivierkreeft. Deze invasieve rivierkreeft hoort niet in de polder thuis, maar is wel in opmars. En dat merken we op de boerderij, in de sloot én in het extra werk. Toch vangen we ‘m niet.
Rivierkreeften als een niet-duurzame graafmachine
De opmars van de Amerikaanse rivierkreeft zorgt overal waar die zit voor overlast en schade. De kreeften eten veel kleine waterdieren en verknippen waterplanten die voor zuurstof en helder water zorgen. Ze graven soms een meter diep in de slootkant, voor een veilig holletje, zo zakken slootkanten in. Dit alles leidt tot achteruitgang van de waterkwaliteit en de biodiversiteit en tot extra kosten voor baggerwerk en oeverherstel.

“Dan vang je ze toch gewoon?”
Tja, dat zou je denken. Maar zo makkelijk is het niet. Een boer mag die kreeften niet vangen of verkopen. Wil je het echt goed aanpakken, met fuiken en korven om er veel tegelijkertijd te vangen, dan moet je beroepsvisser zijn. Met een registratie, of werken bij een overheidsinstantie (bijvoorbeeld bij het waterschap).
Voor een registratie moet je kunnen aantonen dat je op 250 hectare viswater mag vissen én dat je er €8.500 per jaar mee verdient.
De € 8.500 per jaar is wel te redden. Stel dat je 10 euro aan een kilo rivierkreeften overhoudt en 40 weken aan de slag gaat. Elke week moet je dan minstens 20 kilo rivierkreeft vangen. Dat zou te doen moeten zijn. Je kunt soms 300 kilo per week vangen en die zou je voor 15 euro verkopen. Er is echter een maar.
Op de boerderij hebben we zo ’n 4 hectare viswater. Ik zou dus met ruim 60 boeren in de regio afspraken moeten maken om een registratie aan te vragen. Dan pas mogen we de fuiken uitzetten.


En de vissers dan?
Er zijn beroepsvissers die rivierkreeft vangen en verkopen. Gelukkig maar, dat helpt ze om ze een beetje in toom te houden. Maar, die hebben geen tijd om bij alle boerderijen vissen te vangen. Bovendien willen zij (met hun verdienmodel) niet van alle kreeften af, er moet nog genoeg kreeft gevangen kunnen worden om €8.500 per jaar te verdienen.
Daarnaast weten vissers ook: met fuiken vang je vooral de grote exemplaren rivierkreeften. De kleintjes planten zich in hun afwezigheid, nog makkelijker voort.
Je snapt: dat is dus ook geen oplossing op lange termijn om van de rivierkreeften af te komen. Wel kunnen vissers helpen met beheersen van de stand en dat is wellicht het verste dat we kunnen komen. We zullen met rivierkreeften moeten leren leven.



Wat wél werkt tegen rivierkreeften (of tenminste een beetje)
Als je de schade wilt beperken, dan heeft het geen zin om te werken aan de bestrijden, dat is symptoombestrijding. Je kunt beter de woonomgeving zo veranderen zodat ze niet willen blijven. De acties zijn dan:
- Natuurvriendelijke oevers, zodat ze moeilijker in de oevers kunnen graven. Een natuurvriendelijke oever loopt geleidelijk af van het land naar het water, met veel waterplanten.
- Natuurlijke vijanden introduceren zoals de snoek en paling. Zij eten de kleinere kreeften op waarvan de schaal nog niet hard is. Studies laten zien dat dit nog niet in elk grondgebied even goed werkt.
- Regelmatig afvangen, we vangen dan de grote exemplaren. Liefst met een fuik, maar zolang we geen beroepsvisser zijn, kan dit heel beperkt met hengels en schepnetjes. We eten ze dan zelf op of doden de kreeften.
En dan komen we bij het echte probleem: wie gaat dat betalen? De sloot is soms van de boer, soms van het waterschap, soms van de gemeente. Iedereen heeft er belang bij dat er minder kreeften zijn, zodat land en dijken niet worden aangetast en de biodiversiteit weer groter wordt. Een goed plan met een budget is er echter niet.
Het zou ook fijn zijn als we, als eigenaar van het land, zelf met fuiken de rivierkreeften mogen afvangen. Ondertussen experimenteren wij er op los, met wilgen in het water, af en toe zelf vangen en wellicht zullen we de oevers veranderen met planten. We zijn daarin niet alleen, verschillende partijen zoals het Hoogheemraadschap Delfland onderzoeken manieren om oevers minder aantrekkelijk te maken voor kreeften.

Wat kun jij doen? Zet rivierkreeft op je menu!
Gelukkig sta je als consument niet helemaal machteloos. Koop rivierkreeft uit Nederland – geen ingevlogen diepvriesexemplaren uit China of Spanje. Aanbieders van Nederlandse rivierkreeft:
- Jan de Waard Visserij – Crawfish Boil met gevangen rivierkreeft door beroepsvisser Jan zelf
- Schmidt Zeevis – wilde rivierkreeft gevangen in Het Groene Hart
- CFFH – levend én ingevroren, gevangen in oa. Woerden/Zegveld
🎥 Wil je meer weten over de rivierkreeft? In deze aflevering van SchoolTV (vanaf 13:35) leer je meer over deze invasieve exoot.
Zou jij verse rivierkreeft kopen bij een boer die ze gevangen heeft? Laat het weten.
Misschien kunnen we samen met vissers of als collectief met diverse boeren aan de slag.
