Welke soorten stallen hebben jullie op de boerderij?

Op Hoeve Ackerdijk hebben we verschillende soorten stallen op de boerderij. Zo hebben we een ligboxstal, een potstal en een tentstal. De oude grupstal is verbouwd tot een kinderdagverblijf. In dit blog vertellen we wat over elke stal zodat je bij je volgende bezoek precies weet welke soorten stallen er zijn.

De potstal

Een potstal is een type stal waarin een dikke laag stro ligt. Deze stro-laag is als een comfortabel bed voor de koeien en is warm, vooral bij koud weer. De koeien kunnen kiezen of ze vrij willen rondlopen of willen rusten op het stro.

De poep van de koeien mengt met het stro in de stal en daardoor komt er minder stikstof vrij. Het stro kan later wordt gebruikt als mest op het land. Voor de koeien leggen we regelmatig een nieuw laag stro in stal, zodat ze comfortabel en schoon in het stro kunnen blijven liggen.

Voor de boer is een potstal meer onderhoud dan bijvoorbeeld een ligboxstal. Zo moet de potstal goed worden schoongehouden en moet er regelmatig stro worden bijgevuld, ook kan de stro-laag wat stoffig zijn.

Twee keer per jaar wordt al het stro uit de potstal gehaald. Het stro-poepmengsel wordt over het land uitgereden en de stal wordt helemaal schoongemaakt.

De ligboxstal

Net als veel boeren hebben wij ook een ligboxstal. Het heet een ligboxenstal omdat er voor elke koe een box is om in te rusten en bijvoorbeeld hun eten te herkauwen.

Een paar jaar geleden hebben we de stal verbeterd met een scherm. De koeien kunnen door het scherm heen kijken en toch blijft het in de winter warm en in de zomer koel in de stal.

Voor elke koe is er een plek en de stal kan gemakkelijk worden schoongehouden. Er is zelfs een mestrobot die een deel van het schoonhouden doet. De koeien lopen los op een rooster, waardoor de mest en urine heen valt in de mestput eronder. Het blijft daardoor schoon voor de koeien.

Het lopen op een rooster vinden sommige koeien minder prettig. In de mestput komt de mest en urine komt bij elkaar, wat zorgt voor ammoniak.

Twee andere soorten stallen: de tentstal en de grupstal

Een paar jaar geleden hebben we de tentstal neergezet. Het is een fijne flexibele stal om koeien in te huisvesten wanneer het nodig is. De stal is een overdekte constructie met wanden van textiel en een stalen frame.

Omdat de stal zo’n lichte constructie heeft, zetten we er bij een stevige wind hooibalen en de trekker voor, zodat de wind niet onder de constructie komt en de koeien in de stal een wat aangenamere nacht hebben.

Vroeger stonden de koeien in een grupstal, waarin de koeien naast elkaar in de stal staan. Voor ze ligt het eten en de mest en urine werd achter ze opgevangen in een grup.

Het ontwerp is echter verouderd en de koeien hebben te beperkte bewegingsruimte. De koeien staan daarom niet meer in de grupstal, maar het pand is verbouwd tot een prachtig kinderdagverblijf.

De soorten stallen op onze boerderij komen bekijken?

Wil je de stallen wel eens zien of interesse in het kinderdagverblijf op Hoeve Ackerdijk? Kom vooral eens langs op de open dagen of vraag een rondleiding aan op het kinderdagverblijf.

Experimenteren met natuurkorst

Kaascoating

In Nederland is het heel gangbaar om kaas te voorzien van een paar mooie laagjes (meestal gele) coating. De coating beschermt de kaas tegen uitdroging, vervorming en aantasting door schimmels en kaasmijt. Een kaascoating biedt dus veel voordelen, maar ook enkele nadelen. Deze korst kun je namelijk niet eten en je moet soms best veel wegsnijden, wat je weer bij het restafval moet gooien.

Natuurkorst

In veel landen om ons heen maken kaasmakers de kazen met een natuurlijke en daardoor eetbare korst. Door de juiste bacteriën of schimmels op de kaas te laten groeien krijgen slechte schimmels geen kans om te ontwikkelen. Met die natuurkorst wordt de kaas ook beschermd. Denk hier bij aan de eetbare witte schimmel korst van een Franse brie of de eetbare roodflora korst van de Italiaanse Taleggio.

Natuurkorst in Nederland

De coating zoals we hem nu kennen, is rond 1950 ontstaan. Daarvoor hadden alle kazen ook in Nederland een natuurkorst. Kazen werden toen regelmatig gewassen met pekelwater en werden vaak ingesmeerd met lijnolie of weiboter. Nu hebben bijna alle kazen een coating.

Toch worden er ook tegenwoordig in Nederland kazen met eetbare natuurkorsten gemaakt. Veelal zijn dat zachte kazen. Voor harde kazen wordt dat nog vrij weinig gedaan. De bekendste harde kazen met een natuurkorst zijn waarschijnlijk de kazen van Remeker. Zij behandelen de korst van de kaas met Ghee, dat is geklaarde boter.

Natuurkorst op Hoeve Ackerdijk

Een natuurkorst past goed bij onze filosofie om biologisch te werken met aandacht voor dier en milieu. We kunnen op deze manier zoveel mogelijk natuurlijke producten gebruiken en we zorgen voor minder restafval.

Batch 58 die begin oktober 2023 is gemaakt is onderdeel van ons experiment. Eén kaas van deze serie hebben we in onze kelder laten rijpen zonder de korst op enige wijze te behandelen. We hebben de kaas de afgelopen maanden alleen met een droge schone doek schoongemaakt. De andere kazen uit deze serie kregen wel een coating.

Resultaat

Hieronder zie je het resultaat van het rijpingsproces tot en met begin januari 2024.

Je ziet duidelijk dat de linkerkaas -met de coating- er na 14 weken nog mooi geel en glanzend uitziet. Onze natuurkorst kaas heeft langzaam aan wat meer vlekken gekregen. Eerst zien we alleen wat witte schimmel, maar na een paar weken zijn ook wat bruine vlekken te zien. Het lijkt erop dat alles nog mooi op de korst is blijven zitten en er geen schimmels echt naar binnen gaan. Ofwel, de korst, die ontstaan is door de kaas goed te persen en door de kaas uren in het pekelbad te laten liggen, lijkt zijn werk goed te doen.

Volgende week gaan we de kaas opensnijden, we zijn heel benieuwd hoe hij smaakt!

Ontwikkeling natuurkorst na 2 weken.
WEEK 2
Ontwikkeling natuurkorst na 3 weken.
WEEK 3
Ontwikkeling natuurkorst na 6 weken.
WEEK 6
Ontwikkeling natuurkorst na 14 weken.
WEEK 14

Onze biologische aanpak tegen ongedierte op de boerderij

Op onze boerderij maken gebruik van biologische ongediertebestrijding. Zo zorgen we ervoor dat het voedsel van de koeien ook daadwerkelijk door de koeien opgegeten kan worden. Daarnaast kunnen plaagdieren ziektes veroorzaken, wat we natuurlijk willen voorkomen.

We maken gebruik van een biologisch bestrijdingsplan van APC dat bestaat uit drie schillen rondom de boerderij.

Waarom biologische ongediertebestrijding?

Op een boerderij ligt altijd veel voer, wat ongedierte aantrekt. In de zomer werken we aan een voervoorraad voor de winter (hooi en kuilgras) en er liggen ook regelmatig biologische wortels, pompoenen of kroten op het erf. Dat voer trekt plaagdieren zoals ratten aan en die hebben we liever niet.

Plaagdieren eten een deel van het voer op. Als ze een gaatje in het plastic van het kuilgras maken, komt er lucht bij het kuilgras en is het geen goed wintervoer voor de koeien meer. Nog belangrijker is; plaagdieren kunnen ziektes voor de dieren en mensen overbrengen.

In de biologische landbouw werken we aan een gezond ecosysteem, daarom gebruiken we geen chemische bestrijdingsmiddelen. Als een knaagdier gedood is door gif en dan ergens blijft liggen, komt het gif in het ecosysteem terecht. Er zijn gelukkig natuurlijke én effectieve manieren om ongedierte van de boerderij te houden.

Biologische ongediertebestrijding op de boerderij

Stap 1 is het voorkomen van ongedierte, daarom houden we het erf van Hoeve Ackerdijk zo netjes mogelijk. Het voer wordt afgedekt en op vaste plekken gelegd, zodat het voer niet verspreid raakt.

Daarnaast maken we gebruik van een biologisch bestrijdingsplan van APC. Dit plan omvat verschillende maatregelen die roofvogels aantrekken, waardoor het aantal plaagdieren op een natuurlijke manier wordt verminderd.

APC maakt voor elk bedrijf een passend biologisch bestrijdingsplan. Zo ligt Hoeve Ackerdijk op een terp dat grotendeels omringd is door water. We weten dat ongedierte voornamelijk via land het erf opkomt, dus we richten ons vooral op het beschermen van deze toegangswegen.

Onze aanpak tegen ongedierte bestaat uit drie schillen die we rondom de boerderij creëren.

1. Buitenste schil

In de buitenste schil zaaien we verschillende soorten gras en kruiden. We kiezen grassoorten waar plaagdieren niet van houden, zoals helmgras. Ook zaaien we kruiden met geurtjes die plaagdieren afschrikken.

Bovendien trekken deze kruiden insecten aan, die op hun beurt weer een smakelijke maaltijd zijn voor vogels. Deze vogels trekken op hun beurt weer roofvogels aan die jagen op muizen en ratten.

2. Tweede schil

De tweede schil van ons bestrijdingsplan bestaat uit vogelkastjes. Deze bieden een veilig thuis aan natuurlijke vijanden van plaagdieren. De vogels schrikken ongedierte af en zorgen ervoor dat het aantal beperkt blijft, mochten ze langs de eerste schil weten te komen.

3. Binnenste schil

Als een rat of muis onverhoopt langs de eerste twee schillen komt, hebben we nog de laatste verdedigingslinie: geurkokers met aantrekkelijke geurtjes voor ongedierte. Deze kokers, samen met CO2-vallen, trekken ongedierte aan, vangen ze en brengen ze tot stilstand (met een hamer).

Wil je meer weten? Bekijk deze video waarin de mensen van APC zelf hun biologische bestrijdingsplan uitleggen.

Kom langs en ontdek het zelf!

Nu weet je waarom we vogelkastjes op de boerderij hebben en hoe we op een duurzame manier samenwerken met de natuur om ons voedsel voor de koeien te beschermen. We nodigen je uit om een bezoek te brengen aan onze boerderij en zelf te zien hoe we ons inzetten voor een gezonde en natuurlijke omgeving.

Koeien en nu ook kippen in onze wei

Met de kippenkar lopen er naast koeien, straks ook kippen in de wei. De kippen kunnen door de kar het hele jaar door vrij in de polder lopen, al hebben we het liefste dat ze achter de koeien aan scharrelen wat past bij een natuurlijke manier van boeren.

Waarom gaan koeien en kippen goed samen?

Begin oktober arriveerde de kippenkar 249, waarin 249 bruine leghennen gaan wonen. Daarmee worden we niet opeens een kippenboer. De kippen houden we erbij omdat het past in een duurzame en natuurlijke manier van boeren.

Als de koeien op een stuk land hebben gelopen, lopen ze het gras en de grond plat. Bovendien laten ze hier en daar wat koeienvlaaien achter. De kippen helpen met het opruimen van de poep en weer openmaken van de grond. Als de koeien op een stuk weiland hebben gelopen, mogen daarna de kippen vrij rondlopen in datzelfde weiland.

De kippen klauwen met hun poten tussen de koeienvlaaien naar insecten en verspreiden zo de mest over het land. De mest wordt zo beter wordt opgenomen door het gras. Bovendien klauwen en pikken de kippen graag in grond. Zo maken ze met hun poten de graszoden opener en kan het gras beter wortelen.

Het houden van de kippen in het land vinden we een mooie toevoeging aan onze manier van natuurlijk boeren.

Hoe ziet de kippenkar eruit?

De kippen gaan ’s avonds op stok in de kar, daar zijn ze veilig voor roofdieren. De mobiele kippenkar is gemaakt door WijKamp. De kar heeft zonnepanelen en is met de trekker te verplaatsen over de weilanden van de boerderij. Er is een mestband, om de kar makkelijker schoon te houden en een kleine loopband voor de eieren.

Koeien-en-kippen-samen-in-de-wei-door-kippenkar

Aan de buitenkant hangt nog een groot, uitklapbaar zonnedoek waardoor de kippen extra schaduw hebben en waar ze zich veilig onder kunnen voelen.

Op 9 oktober 2023 is de kippenkar geleverd. Een paar weken later komen de kippen en hopelijk voelen ze zich zó prettig tussen de koeien op Hoeve Ackerdijk dat ze in november de eerste eieren leggen. Volg ons op Instagram of Facebook om te zien wanneer de kippenkar door de kippen in gebruik wordt genomen.

Wil je de kippenkar of de kippen zien? Kom gerust eens bij ons kijken.

Vanaf half november liggen de eieren in onze boerderijwinkel. Je kunt dat prima combineren met een rondje langs de kalfjes en gelijk een blik op de kar in het land werpen. Liever nu al wat zien? Bekijk het account Albert Boersen, boer bij Herenboerderij de Vlinderstrik. Hij heeft een kippenkar en post regelmatig video’s van de kar en zijn kippen.

Bierkaas van Hoeve Ackerdijk

Een lekker biertje gaat prima samen met een blokje oude borrelkaas. Maar wist je dat je ook bier in kaas kunt stoppen?

Voor de Delftse stadsbrouwerij De Koperen Kat maken we met enige regelmaat bierkaas. We maken deze bierkaas met hun quadrupel De Kater.

Hoe maak je bierkaas?

Eigenlijk verschilt het maken van bierkaas niet zoveel met het maken van gewone goudse kaas. Na het pasteuriseren van onze biologische melk, voegen we zuursel en stremsel toe. Door het stremsel gaan de vaste bestandsdelen van de melk, zoals de eiwitten en vetten samenklonteren. Deze dikke massa snijden we in kleine stukjes, dit noemen we wrongel.

Bij normale kaas persen we vervolgens deze wrongeldeeltjes samen in de kaasvormen.

Voor de bierkaas voegen we  bier toe aan de wrongel. We roeren het bier goed door de wrongel heen en vervolgens laten we het geheel een half uur rusten, zo kan de biersmaak goed in de wrongel trekken. Daarna is het tijd om de bier wrongel in de kaasvormen te stoppen en te gaan persen.

Kun je met elk bier een bierkaas maken?

Je kan in principe met elk bier een bierkaas maken. Maar om de rijke biersmaak goed in de kaas te krijgen, kun je het beste bier gebruiken met een uitgesproken smaak en een hoog alcohol percentage. De Kater quadrupel van De Koperen Kat is daarom ook zeer geschikt. Het is een mooie volle donkere quadrupel van 10%, met een fijn hoppige, rokerige karamelsmaak inclusief een vleugje koriander.

Ben je benieuwd hoe de bierkaas smaakt?

Nog even geduld. De kazen moeten nog enkele weken rijpen in onze kaaskelder op de boerderij. Daarna is de kaas te verkrijgen en te proeven in het proeflokaal van de Koperen Kat, in Delft.

Wil je meer weten over onze ambachtelijke kazen? En lekker proeven?

Kom langs op onze boerderij. Onze winkel is geopend op woensdagmiddag (13.00 – 18.00) en zaterdagochtend (09.00 – 12.00).

Aafke 336 en Kootje 78 – Even voorstellen

We vertellen op open dagen en op rondleidingen graag over onze boerderij. De koeien die voor de melk van onze producten zorgen stellen we niet altijd voor. Daarom vullen we de reeks ‘Even Voorstellen’ weer aan. Dit keer zijn de twee koeien die we voorstellen, Aafke 336 en Kootje 78.

8535 – Aafke 336

Net zoals Grietje 186 heeft Aafke 336 (foto rechts) ook een truukje geleerd. Ze kan de deuren van de melkput niet openkrijgen; wel kan ze aan de touwtjes in de melkput trekken. Handig, want zo komt er voer (biks) in de voerbakken.

Ze heeft een goede samenwerking met Grietje, die aan de deur aan het pielen is tot deze open is. Vervolgens stormt Aafke er achteraan om zichzelf eens lekker veel eten te geven. 

Een beetje teveel biks op 1 dag is niet zo’n probleem, maar als een koe zich echt vol eet dan komt er een soort plak pap in de pens zonder ‘structuur’ voer zoals hooi. Deze plak kunnen koeien niet verteren en ze kunnen er dan flink ziek van worden. Het lijkt dus niet zo erg, maar we letten wel streng op dat het niet gebeurd.

8884 – Kootje 78

Kootje 78 (foto links) komt uit een familielijn die het bij ons op Hoeve Ackerdijk goed doet. Haar moeder (8711) en oma (8306) lopen ook nog steeds op het erf. Deze nummers zijn het werknummer van de koeien (een soort verkort BSN). De 78 van Kootje betekent dat ze de 78e koe is uit de “Kootje” familie op Hoeve Ackerdijk. 

Kootje 78 een mix van Montbeliard en Holstein, zoals de meeste van onze koeien. Holstein koeien geven veel melk, maar hebben ook veel en hoogwaardig voer nodig om dat te doen. Dat lukt op een biologisch bedrijf simpelweg niet, daarom hebben wij ook veel Montbeliard koeien. Die geven weliswaar wat minder liters melk – maar dan wel met een hoger eiwit en vet percentage – maar het voordeel is vooral dat deze koeien het goed doen op een rantsoen van bijna uitsluitend gras. De Montbeliard koeien zijn wat robuuster en leven langer. We hopen dus nog lang met Kootje aan de slag te kunnen.

Aafke of Kootje ontmoeten?

Een rondleiding met een kleine groep is mogelijk. U kunt contact opnemen met Bas via bas @ hoeveackerdijk.nl. Ook thuis kunnen we u koeien voorstelen via de blog. Lees bijvoorbeeld over Grietje, Irene en Aafke 351.

Project Erfverwaarding

Samen met twee collega boeren hebben we enige tijd geleden het project opgezet om de korte keten op onze erven een kickstart te geven. Het idee om met een mobiele zuivelinstallatie de eigen afzet van onze melk verder te ontwikkelen, en hierbij de kosten te delen. Hij kan namelijk rijden en op onze drie erven dienstdoen.

Dit bleek een lastig traject om op poten te zetten, onder andere omdat regelgeving niet goed toepasbaar is op nieuwe mobiele systemen. Bovendien bleek het niet haalbaar om met één productie ruimte, weliswaar op wielen, op verschillende locaties ook nog verschillende soorten zuivel te maken. Vandaar dat we hebben besloten dat ieder op zijn eigen erf aan de slag zou gaan met de productie van zuivel, en de route die ons voedsel aflegt van “boer naar bord” te verkorten.

Dit project werd mede mogelijk gemaakt met steun uit het ELFPO

Europees Landbouwfonds voor Plattelandsontwikkeling: Europa investeert in zijn platteland

Hoe krijg je meer weidevogels in je land?

Met mozaïekbeheer, van binnen naar buiten maaien, slootkant-beheer en plas dras krijg je meer weidevogels in je land.

Mozaïekbeheer voor meer weidevogels

Mozaïekbeheer voor grasland is een manier om van de weilanden op Hoeve Ackerdijk een fijne plek te maken voor weidevogels. De weilanden worden op verschillende tijden in het jaar gemaaid, daardoor hebben sommige stukken weiland hoog gras en andere weer lager gras. 

Als je van bovenaf zou kijken, hebben de verschillende weilanden een andere kleur groen en lijkt het net een mozaïek. Door mozaïekbeheer krijg je meer weidevogels in je land.

Weidevogels houden van hoger gras

We maaien in fasen en laten de koeien in fasen op de weilanden grazen. Zo krijgen we variatie in de weilanden wat kuikens van weidevogels erg prettig vinden. Zo is er altijd wel een stukje weiland waar de kuikens zich veilig voelen of eten kunnen vinden. In lang gras zitten namelijk insecten en hier kunnen de kuikens zich verstoppen voor roofdieren.

Van binnen naar buiten maaien

Als er wordt gemaaid dan beginnen we zoveel mogelijk met maaien in het midden van het weiland. We maaien ook op een rustig tempo. Zo kunnen weidevogels altijd een verstop-plek vinden tijdens het maaien. Daarnaast maaien we om de nesten heen (even een paaltje erbij zetten zodat we dit niet vergeten) en laten we gras om het nest heen staan.

Slootkant beheer

Bij het maaien laten we ook het gras aan de randen van het weiland staan. Dat heet slootkant beheer. Bij deze slootkanten is er dan kans voor kruiden om te groeien, dat trekt insecten aan. Zo biedt een slootkant vol kruiden een feestmaal aan weidevogels.

Een plas in het weiland

In het vroeg voorjaar maken we op Hoeve Ackerdijk ook plas-dras. We zetten dan met onze pomp op zonne-collectoren een deel van het land onder water. De grutto is een vogel die hier erg van houdt en hiermee proberen we van ons weiland een fijne plek voor grutto’s te maken.

Komen kijken hoe we meer weidevogels in ons krijgen?

Wil je ook eens zien of er veel weidevogels in ons land zitten? Ga dan in het voorjaar met ons mee op weidevogel safari. Meld je hier aan om op de hoogte gehouden te worden van een nieuwe weidevogel safari.

Aafke 351 – Even voorstellen

We vertellen graag over onze boerderij en laten ook zien wat we doen. Maar we stellen onze ‘medewerkers vaak niet voor. Daarom deze reeks waarin we onze koeien aan u voorstellen. Want over iedere koe valt wel iets te vertellen. Vandaag: Aafke 351.

koe Aafke 351

8996 – Aafke “Betty” 351

Aafke was als kalf een twijfelgeval. Ze heeft een goed presterende moeder, maar die kregen we niet gemakkelijk drachtig. Dus kozen we een stier met betere vruchtbaarheidscijfers, zodat de moeder makkelijker drachtig zou kunnen worden.

Wanneer er zulke kalfjes geboren worden, gaan deze vaak naar een kalvenfokkerij, omdat het meestal geen geweldige melkkoeien worden. 

Maar, Aafke zag er wel heel schattig uit met haar egaal donkere vacht en bruine streep op de rug. Dus we namen de gok, want soms is dat ook gewoon leuk.

En Betty (naar het liedje “Black Betty” van Ram Jam, zoals boer Bas haar altijd noemt) is nu bijna 3 jaar oud, geeft prima melk in haar 1e lactatie periode en mag gewoon blijven.

Haar donkere vacht komt omdat ze voor 25 % van het ras “Brown Swiss” is, de rest is een mix van Montbeliard en Holstein.

Eerdere koeien in deze reeks zijn Grietje 186 en Irene 203 – de baas.

Aafke ontmoeten?

Een rondleiding met een kleine groep is mogelijk. U kunt contact opnemen met Bas via bas @ hoeveackerdijk.nl